Basisprincipe
LEVEN IS BEWEGEN
Stilstaand water wordt troebel en vormt een bron van besmetting. Wordt in het lichaam de circulatie verstoord, dan wordt het weefsel ziek.
Ons lichaam vormt één groot geheel waarvan de verschillende structuren onderling met elkaar verbonden zijn, elk over een eigen individuele beweeglijkheid beschikken maar elkaar wel onderling beïnvloeden. Binnen dit geheel beweegt normaliter alles in harmonie.
Wanneer dit evenwicht verstoord geraakt, indien de mobiliteit van een bepaalde structuur beperkt is, zal dit zijn weerslag hebben ter hoogte van de rest van het lichaam. Bijgevolg zal dus ook de algemene harmonie van ons lichaam verstoord worden.
Dit zal zich meestal uiten via pijn, vermoeidheid,...; kortom een minder goed of slechter functioneren.
Dit is wat men noemt de osteopathische laesie; deze kan zowel een externe (val, shock, trauma) als interne (emotie, voeding, erfelijkheid..) oorzaak hebben.
STRUCTUUR EN FUNCTIE BEÏNVLOEDEN ELKAAR
De functie creëert het orgaan, de bouw van elk gewricht bepaalt zijn eigen specifieke beweeglijkheid.
Alle structuren (botten, spieren, organen...) zijn vanuit hun specifieke functie ontstaan. Botten zorgen bijvoorbeeld voor bescherming, spieren voor beweging enz....
Een veranderde functie zal dus ook andere eisen stellen aan de structuur en zo kan overbelasting na verloop van tijd een verandering in de structuur (zoals bv. artrose, ontsteking,...) veroorzaken, hetgeen op zijn beurt dan weer de functie zal verminderen.
Deze verminderde mobiliteit ter hoogte van de verschillende structuren is in de osteopathie van enorme diagnostische betekenis.
AUTOREGULATIE
Het lichaam beschikt normaliter over zelfregulerende krachten en heeft de aangeboren eigenschap zichzelf te verdedigen. Mits bepaalde correcte bijsturingen kan het dan ook zichzelf genezen.
Gezondheid is een vorm van dynamisch evenwicht. Er zijn talrijke denkbare situaties waardoor het lichaam in onevenwicht kan gebracht worden.
De osteopathie richt zijn handelingen dan ook op herstellen en/of stimuleren van deze zelfregulerende krachten; daar waar de mobiliteit wordt hersteld, wordt de circulatie weer mogelijk en zal er een herstel volgen.
DE MENS IS EEN ONDEELBAAR GEHEEL
Het menselijk lichaam vormt een ondeelbare eenheid en functioneert ook als één geheel.
De verschillende bindweefselstructuren (fasciën) vormen één groot raderwerk waarlangs de organisatorische krachten zich zullen verspreiden. Ze zijn onderling met elkaar verbonden, gaan in elkaar over en vormen als het ware één grote lichaamsenveloppe.
Dit is één van de verklaringen waarom een bepaalde oorzaak tot symptomen kan leiden op een gans andere plaats, maar eveneens waarom we via een behandeling van één bepaalde structuur invloed kunnen hebben op een andere, en zelfs op het ganse lichaam.